We staan voor grote sociale, economische en ecologische uitdagingen. Als we deze willen aanpakken dan is het hervormen van ons monetaire systeem een goede start. De afgelopen jaren hebben we onderzoek gedaan naar het huidige op bankschuld gebaseerde geldsysteem en alternatieven. We stellen voor geldcreatie onder publiek bestuur te plaatsen door een digitaal chartaal geldsysteem te implementeren.

WAT ER DIENT TE VERANDEREN

Dit is wat wij denken dat er moet veranderen om ons manke geldsysteem te repareren:

1. GELD DIENT ENKEL GECREËERD TE WORDEN DOOR MIDDEL VAN EEN DEMOCRATISCH EN TRANSPARANT ORGAAN DAT HANDELT VANUIT HET ALGEMEEN BELANG

We willen graag de macht om geld te creëren overhevelen naar een democratisch, controleerbaar en transparant proces, waarbij iedereen weet wie de macht heeft om geld te creëren, hoeveel geld ze creëren, en hoe dat geld zal worden gebruikt. Hoe dit proces er ook uit gaat zien – of het nu De Nederlandsche Bank of een nieuwe commissie is die beslist of er geld gecreëerd moet worden, er moet te allen tijde verantwoording aan het Parlement worden afgelegd en bescherming worden geboden tegen misbruik door gevestigde belangen. We willen ook veiligheidsmechanismes inbouwen die ervoor zorgen dat de juiste hoeveelheid geld wordt gecreëerd – niet teveel (wat bubbels en financiële crises veroorzaakt) en niet te weinig (wat een recessie veroorzaakt).

2. GELD MOET VRIJ VAN (BOEKHOUDKUNDIGE) SCHULD WORDEN GECREËERD

Momenteel creëren banken geld wanneer zij leningen verstrekken, wat betekent dat voor elke euro op uw bankrekening iemand anders een euro aan schuld heeft. Dat betekent dat bijna al het geld in de economie geleend is van de banksector en dat er over vrijwel euro die in omloop is ook rente moet worden betaald. Als we proberen om onze schulden te verminderen dan verdwijnt er geld uit de economie, waardoor het moeilijker wordt voor anderen om hun eigen schulden terug te betalen. Maar als geld gecreëerd zou worden door de staat, vanuit het algemeen belang, en in omloop zou worden gebracht door middel van overheidsuitgaven in plaats van het in omloop te brengen door middel van bankleningen, dan zou dit geld de reële economie stimuleren, banen creëren en het mogelijk maken om de private schulden te verminderen.

3. GELD MOET IN DE REËLE (NIET-FINANCIËLE) ECONOMIE TERECHT KOMEN VOORDAT HET IN FINANCIËLE MARKTEN EN VASTGOEDZEEPBUBBELS TERECHT KOMT.

Nieuw gecreëerd geld moet worden gebruikt om overheidsuitgaven te financieren, de belastingen te verlagen, de staatsschuld af te betalen of kan zelf verdeeld worden onder de burgers. Dit betekent dat het geld in eerste instantie terecht zal komen in de reële (niet-financiële) economie in plaats van dat het blijft hangen in de financiële en vastgoedmarkten, zoals gebeurt op dit moment. Dit zal de economie helpen groeien en gedurende het proces banen creëren, terwijl een groot deel van het geld dat banken vandaag de dag creëren het leven alleen maar duurder en onstabiel maakt voor mensen.

4. BANKEN MOETEN NIET WORDEN TOEGESTAAN​​ OM GELD TE CREËREN

De geschiedenis heeft aangetoond dat wanneer de banken de macht hebben om geld te creëren, zij teveel creëren in goede tijden, wat financiële crises veroorzaakt, en vervolgens te weinig geld creëren in slechte tijden, waardoor recessies en werkloosheid nog erger worden. Het merendeel van het geld dat zij creëren stoppen zij in huizenprijsbubbels of daar speculeren zij mee op de financiële markten en slechts een klein deel wenden zij aan voor ondernemingen buiten de financiële sector. We weten op basis van historisch onderzoek dat we aan banken, met al hun incentives en winstbejag, zoiets krachtigs als de mogelijkheid om geld te creëren gewoonweg niet kunnen toevertrouwen. Het is niet genoeg om hen te reguleren, omdat toezichthouders al eerder gefaald hebben om ze onder controle te houden en er geen reden is om aan te nemen dat ze dit een volgende keer wel zal lukken. We moeten banken niet de mogelijkheid bieden om geld te creëren.